Beleid & regels

De World Athletics-regels voor transgender atleten: het besluit van maart 2023

Waarom de wereldatletiekbond transvrouwen die de mannelijke puberteit doormaakten uitsluit van de internationale vrouwencategorie, en hoe dat samenhangt met de DSD-regelgeving.

Redactie Gendersport.nl
·
Gepubliceerd 30 juni 2026
Illustratie bij: De World Athletics-regels voor transgender atleten: het besluit van maart 2023

De World Athletics transgender regels zijn sinds maart 2023 een van de strengste in de olympische sport: transvrouwen die de mannelijke puberteit hebben doorgemaakt, worden uitgesloten van de internationale vrouwencategorie. Dit artikel legt uit wat de wereldatletiekbond precies besloot, hoe dat besluit is onderbouwd en hoe het samenhangt met de aparte regelgeving voor atleten met een verschil in geslachtsontwikkeling.

Het besluit van maart 2023

In maart 2023 nam de Council van World Athletics een besluit dat internationaal veel weerklank kreeg. Transvrouwen die door een mannelijke puberteit zijn gegaan, mogen niet langer meedoen in de internationale vrouwencategorie. Anders dan onder eerdere modellen is er dus geen testosterongrens meer die de toegang bepaalt: het criterium is of iemand de mannelijke puberteit heeft doorgemaakt.

Daarmee koos de grootste olympische kernsport voor een aanzienlijk strengere lijn dan de eerdere aanpak, waarin een verlaagde hormoonwaarde volstond. World Athletics stelde dat het beschermen van de integriteit van de vrouwencategorie in de atletiek voorop moest staan, en dat een hormoongrens onvoldoende recht deed aan de blijvende fysieke effecten van een mannelijke ontwikkeling.

De onderbouwing: blijvende effecten van de mannelijke puberteit

De kern van de onderbouwing draait om het idee dat een mannelijke puberteit voordelen oplevert die niet volledig verdwijnen wanneer de testosteronwaarde later wordt verlaagd. Denk aan lichaamslengte, botstructuur, spieromvang en de grootte van hart en longen. Deze kenmerken worden tijdens de adolescentie opgebouwd onder invloed van testosteron en blijven grotendeels bestaan, ook na hormonale behandeling.

Die redenering sluit aan bij een bredere wetenschappelijke discussie over de rol van testosteron in sportprestaties, die we uitgebreider bespreken in ons artikel over testosteron en sportprestatie. Onderzoek naar androgenen bij vrouwelijke topatleten, waaronder werk van Bermon en Garnier uit 2017, voedde het idee dat een hoger testosteronniveau in bepaalde atletiekonderdelen samenhangt met betere prestaties. Dat versterkte de overtuiging binnen de bond dat een enkele hormoongrens de kwestie niet afdoende oplost.

Waar critici van strenge regels wijzen op de schaarste aan groot, sluitend bewijs, keerden voorstanders die redenering om: zolang niet is aangetoond dat het voordeel verdwijnt, is voorzichtigheid ten gunste van de vrouwencategorie op zijn plaats. Die afweging tussen inclusie en eerlijkheid staat centraal in het debat over transvrouwen in de vrouwensport.

De relatie met de DSD-regelgeving

De transgenderregels van World Athletics staan niet op zichzelf. Ze lopen parallel aan de regelgeving voor atleten met een verschil in geslachtsontwikkeling, in het Engels differences of sex development of DSD. Die DSD-regels, die teruggaan tot 2018 en later zijn aangescherpt, richten zich op atleten die geen transvrouw zijn maar wel een biologische ontwikkeling hebben doorgemaakt met verhoogde androgeenspiegels.

Rond het besluit van 2023 verlaagde World Athletics de toegestane testosterongrens voor DSD-atleten. Hoewel transgender- en DSD-atleten juridisch en medisch verschillende groepen zijn, delen de twee sporen dezelfde onderliggende zorg: het effect van testosteron en van een van nature mannelijke ontwikkeling op de prestatiekloof. Door beide regelingen in dezelfde periode aan te scherpen, maakte de bond duidelijk dat het haar om die onderliggende fysiologie te doen was, niet om de identiteit of de juridische status van de atleet.

Ruimte binnen het IOC-Framework

World Athletics kon deze strenge lijn kiezen dankzij de ruimte die het IOC in 2021 gaf. Met het IOC-Framework liet het Internationaal Olympisch Comite de vaste, universele testosterongrens los en legde het de eligibiliteitsbeslissing bij de afzonderlijke internationale bonden. De atletiekbond gebruikte die autonomie om een regeling vast te stellen die verder gaat dan een hormoonwaarde. De achtergrond van die verschuiving beschrijven we in ons artikel over het IOC-transgenderbeleid.

Precies omdat het IOC geen uniforme regel meer voorschrijft, kunnen bonden onderling sterk verschillen. World Athletics en de zwembond koos voor een strikte benadering, terwijl andere federaties soepeler bleven. Voor de atleet betekent dit dat de vraag of zij mag starten niet langer olympiebreed wordt beantwoord, maar per sport.

Kritiek en gevolgen

Het besluit van World Athletics kreeg zowel bijval als kritiek. Voorstanders zien het als een noodzakelijke bescherming van de vrouwencategorie en van eerlijke competitie op het hoogste niveau. Zij wijzen op de blijvende fysieke voordelen die een testosterongrens niet wegneemt, en op het belang van een helder, controleerbaar criterium.

Tegenstanders vinden het besluit te absoluut en te uitsluitend. Zij betogen dat een categorale uitsluiting op basis van de doorgemaakte puberteit geen ruimte laat voor individuele verschillen, en dat het bewijs voor een relevant voordeel per onderdeel verschilt. Ook wijzen zij op de impact op individuele atleten en op de toegankelijkheid van de sport. Dat spanningsveld tussen bescherming en inclusie blijft de kern van het debat, en verklaart waarom de World Athletics-regels tot de meest besproken beleidskeuzes in de internationale sport behoren.

De reactie in de sportwereld op het besluit

Het besluit van maart 2023 riep in de sportwereld uiteenlopende reacties op. Voorstanders, waaronder een deel van de vrouwelijke topatleten en organisaties die zich inzetten voor de bescherming van de vrouwencategorie, verwelkomden de heldere lijn. Zij zagen in het puberteitscriterium een controleerbaar en eenduidig uitgangspunt, waar de eerdere hormoongrens tot voortdurende discussie leidde.

Tegenstanders, waaronder belangenorganisaties voor transgender personen en enkele mensenrechtenorganisaties, bekritiseerden het besluit als een categorale uitsluiting. Zij wezen op de gevolgen voor individuele atleten en op het risico dat de sport minder toegankelijk wordt. Ook binnen de wetenschap klonken verschillende geluiden, van steun voor de voorzichtige lijn tot kritiek op de mate waarin het bewijs per onderdeel sluitend is.

Opvallend was dat andere bonden het besluit niet uniform volgden. Terwijl de wereldatletiekbond en de zwembond voor een strikte benadering kozen, bleven diverse federaties soepeler. Dat verschil in koers illustreert dat er sinds het loslaten van een universele regel geen sportbrede consensus meer bestaat, iets wat de biologische onderbouwing juist zo bepalend maakt. Die onderbouwing gaat terug op wat er tijdens de mannelijke puberteit en het sportvoordeel wordt opgebouwd.

De DSD-zaak rond Caster Semenya

Bij de DSD-regelgeving hoort een zaak die veel bekendheid kreeg: die van de Zuid-Afrikaanse middellangeafstandsloopster Caster Semenya. Zij heeft een verschil in geslachtsontwikkeling en werd geraakt door de aangescherpte DSD-regels, die van betrokken atleten verlangden dat zij hun testosteron verlaagden om op bepaalde afstanden in de vrouwencategorie te mogen starten.

Semenya verzette zich tegen die eis en bracht de kwestie voor het Court of Arbitration for Sport, dat de regels in 2019 in stand liet. Daarna volgden verdere juridische stappen, waaronder een gang naar het Zwitserse hoogste gerecht en het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Haar zaak werd zo een van de meest besproken juridische gevechten over eligibiliteit in de atletiek.

Belangrijk is dat de zaak-Semenya over DSD gaat en niet over transgender atleten; het zijn juridisch en medisch verschillende groepen. Toch wordt de zaak in het publieke debat vaak in een adem genoemd met de transgenderregels, omdat beide draaien om dezelfde onderliggende vraag: in hoeverre een van nature hogere testosteronblootstelling en een mannelijke ontwikkeling de prestatiekloof beinvloeden. Die gedeelde kern verklaart waarom World Athletics beide sporen in dezelfde periode aanscherpte.

Bronnen

  1. World Athletics, Transgender Eligibility Regulations (2023).
  2. World Athletics, Eligibility Regulations for the Female Classification (Athletes with Differences of Sex Development) (2018/2023).
  3. Bermon S. and Garnier P.Y. (2017), British Journal of Sports Medicine 51(17):1309-1314.

Redactie Gendersport.nl

Onafhankelijke redactie die sportwetenschap, systematische reviews en officiële reglementen toegankelijk samenvat. Informatief, geen juridisch of sportmedisch advies. Laatst bijgewerkt op 30 juni 2026.

Meer over ons →

Veelgestelde vragen

Korte antwoorden op de vragen die het vaakst terugkomen.

Meer over Beleid & regels